De koning laat een standbeeld van hem bouwen. Als het klaar is gaat de president eens gaan kijken. Als hij er is zegt dat standbeeld: breng mij een paard. De president vind het raar dat het standbeeld kan spreken en gaat het gaan zeggen naar de koning. De koning vind het ook raar en gaat mee met de president naar het standbeeld. Als ze er zijn zegt het standbeeld: Ik zei: breng me een paard geen еzеl!!!