Een dame maakt in haar uppie een boswandeling. Ze nadert een rivier en vraagt zich af hое aan de overzijde te komen. Toevallig (en gelukkigerwijs) ziet ze aan de overkant een blonde dame lopen. Het antwoord is nabij... Ze zet haar handen aan de mond en roept "Yoo-hoo! Ное kom ik aan de overkant?". Het blondje aan de andere kant van de rivier kijkt verschrikt op, laat de vraag op haar inwerken, kijkt verbaasd naar de andere dame en toetert terug: "Maar daar ben je toch al!"
Een dame maakt in haar uppie een boswandeling. Ze nadert een rivier en vraagt zich af hое aan de overzijde te komen. Toevallig (en gelukkigerwijs) ziet ze aan de overkant een blonde dame lopen. Het antwoord is nabij...
Ze zet haar handen aan de mond en roept "Yoo-hoo! Ное kom ik aan de overkant?".
Het blondje aan de andere kant van de rivier kijkt verschrikt op, laat de vraag op haar inwerken, kijkt verbaasd naar de andere dame en toetert terug:
"Maar daar ben je toch al!"