Een man stapt in Brussel een compartiment van de trein Brussel-Oostende binnen. In het compartiment zit een knappe vrouw in te dommelen. De man zet zich recht tegenover deze vrouw. Naarmate de treinreis vordert, zakt de vrouw steeds verder onderuit op haar zetel, waarbij haar rok steeds verder omhoog schuift en haar fraai stel benen zichtbaar wordt. In Brugge stopt de trein, waardoor de vrouw plots wakker schiet en roept :
"Oh, hij staat !"
Waarop de man zegt :
"Hij staat al van in Gent !".