Een stotterende man is op zoek naar werk en gaat naar een uitgever. Hij vraagt aan de uitgever:
"I-i-ik w-w-il gr-r-raag b-b-bijbels vvverkopen, k-k-kan d-dat? de uitgever heeft medelijden met de man en geeft hem 10 bijbels mee om te verkopen.
10 minuten later is de man terug en zegt:
"I-ik heb d-d-de b-b-bij-b-bels verkocht, h-h-hebben juliie n-n-nog w-wat b-b-bijbels v-v-oor m-m-ij?" De uitgever denkt die man is goed! En geeft hem nu 20 bijbels mee.
20 minuten later komt de man weer terug en zegt:
" i-ik heb d-d-de b-b-bij-b-bels verkocht, h-h-hebben juliie n-n-nog w-wat b-b-bijbels v-v-oor m-m-ij?" En dus geeft de man nu 30 bijbels mee.
30 minuten later komt de man weer terug en weer zegt ie:
" i-ik heb d-d-de b-b-bij-b-bels verkocht, h-h-hebben juliie n-n-nog w-wat b-b-bijbels v-v-oor m-m-ij?"
De uitgever wil hem wel weer bijbels meegeven maar dan moet hij eerst vertellen hое hij dat zo snel doet.
Waarop de man zegt:
"I-i-ik bel a-a-an e-e-n i-ik zzeg www-wwilllen j-j-jull-lie o-o-ok e-e-ee-n b-b-bijbel van m-m-me k-k-kk-kopen of m-m-moet ik hem -e-e-even v-v-oorlezen?"