Er was eens een jongetje die hete rik. Hij moest naar de markt om een koppelkuikens gaan verkopen. Hij wou vertrekken maar zijn vader zei: "Wacht eens, wacht eens, eerst zullen ze zeggen wie ben je? Dan moet je antwoorden: De zoon van Frank Sus. Dan gaan ze vragen; Wat heb je bij u? Een koppelkuikens. En dan gaan ze u 20 of 60 frank geven? dan moet je zeggen neenee geef mij maar het dubbele." Rik vertrok dus naar de stad, maar er stonden 2 wachters voor de stadspoort. De ene vroeg: "Wat heb je bij u?" Waarop Rik antwoordde: "De zoon van Frank Sus." Wachter: "Wie denk je wel dat we zijn?" Rik: Een koppel kuikens." Wachter: Moet je een draai rond u oren hebben?" Rik: "Nee, neen, geef mij maar het dubbele!"
Er was eens een jongetje die hete rik. Hij moest naar de markt om een koppelkuikens gaan verkopen. Hij wou vertrekken maar zijn vader zei:
"Wacht eens, wacht eens, eerst zullen ze zeggen wie ben je? Dan moet je antwoorden: De zoon van Frank Sus. Dan gaan ze vragen; Wat heb je bij u? Een koppelkuikens. En dan gaan ze u 20 of 60 frank geven? dan moet je zeggen neenee geef mij maar het dubbele."
Rik vertrok dus naar de stad, maar er stonden 2 wachters voor de stadspoort. De ene vroeg:
"Wat heb je bij u?"
Waarop Rik antwoordde:
"De zoon van Frank Sus."
Wachter:
"Wie denk je wel dat we zijn?" Rik: Een koppel kuikens." Wachter: Moet je een draai rond u oren hebben?"
Rik:
"Nee, neen, geef mij maar het dubbele!"