Er was eens een man en hij had een grote blauwe vlek op zijn achterste. Enigzins ongerust ging hij naar de dokter. Die stelde hem vlug gerust en zei dat de man met niets hoefde in te zitten en dat de blauwe vlek erop beduide dat de man van adel was.
Thuis gekomen vertelde de man vlug te zijn vrouw dat hij van adel is. De vrouw wilde ook weten of zij eveneens van adel was en ze vroeg aan haar man of hij eens wilde kijken naar haar acherste. De vrouw liet haar broek zakken en de man zei promt:
"Tsjah wat wil je; jij веnт ook maar strontvolk he !"