Jantje loopt langs een wei.
En ziet daar nen boer staan.
En hij is aant mesten. en Jantje vraagt:
"Wa zijde gij aant doen?"
Den boer zegt:
"Ik ben aant mesten, weete gij da niet?"
Dan vraagt Jantje:
"En waarom doede gij da?"
" Dat is voor op mijn aardbeien"
En jantje zegt::
"Ah, ik doe da me bloemsuiker... Ieder zijne eige smaak eh jong!!!!"