Ne man komt bij den bakker. "Voor mij een slagroomtaart." De bakker geeft hem een slagroomtaart. "O, nee, sorry, toch maar liever een aardbeientaart." De bakker geeft de man een aardbeientaart. "Dank u wel," zegt de man, en hij loopt naar buiten. "Héla, en betalen?" "Jamaar, ik heb die taart toch geruild voor een slagroomtaart?" "Jamaar, die hebt ge ook niet betaald!" "Klopt, ik heb ze dan toch teruggegeven!"
Ne man komt bij den bakker.
"Voor mij een slagroomtaart."
De bakker geeft hem een slagroomtaart.
"O, nee, sorry, toch maar liever een aardbeientaart."
De bakker geeft de man een aardbeientaart.
"Dank u wel," zegt de man, en hij loopt naar buiten.
"Héla, en betalen?"
"Jamaar, ik heb die taart toch geruild voor een slagroomtaart?"
"Jamaar, die hebt ge ook niet betaald!"
"Klopt, ik heb ze dan toch teruggegeven!"