Op school moeten de kinderen leren rekenen. De juf vraagt aan Jantje:
'Als vijf haringen tien gulden kost, hoeveel kost dan een haring?' Jantje peinzen en vraagt of de juf nog een keer de vraag wil herhalen. 'Als vijf haringen tien gulden kost, hoeveel kost dan een haring?' Jantje:
'Oohh, zeg dat dan gelijk, ik zat als maar met makrelen te rekenen!'