Jezus is verrezen en besluit om zich kenbaar te maken in Antwerpen.
Hij komt neergedaald op de Groenplaats en besluit een goei pint te gaan pakken.
Na een tijdje geraakt hij aan de klap met de kroegbaas en vertelt hij wie hij is.
"Ja ja, dat zal wel. En kan je dat ook bewijzen?"
Jezus staat recht en teent naar een man in een rolstoel die verlamd is.
Jezus raakt de man aan en zegt hem op te staan.
De man springt recht en loopt weer vrolijk rond.
Even verder zit een blinde man. Jezus raakt de man aan en zegt hem de ogen te openen.
De man kan weer zien en gooit zijn blindenstok weg.
Aan een tafeltje zit Mustafa en Jezus vindt het raar dat die man daar helemaal alleen zit.
Wanneer hij in de richting van Mustafa stapt, staat die recht en begint te roepen.
"Riskeer het ni éh makker. Ik zit nog maar 14 dagen in ziekenkas!"