Skip to main content
Er staan drie aannemers bij de hemelpoort: een Nederlander, een Belg en een Duitser. Zegt Petrus tegen hen:
"Heren, voordat u hier naar binnen mag, moet ik jullie toch nog iets vragen. God wil graag dat er na al die eeuwen iets aan de hemelpoort wordt gedaan, wat moet dat volgens jullie kosten?"
"Nou," zeggen die heren, "we willen eerst weten wat er allemaal moet gebeuren."
"Oké, zegt Petrus, er moet een nieuw kozijntje in en wat nieuwe bestrating."
Petrus laat de Nederlander bij zich komen om een prijs in te dienen. "Nou," zegt de Nederlander, "ik doe het voor 3000 euro."
"Zo!" roept Petrus, "en hое kom je zo aan dat bedrag?"
"Ach, zegt de Nederlander, dat is 1000 euro voor het materiaal, 1000 euro voor de arbeid en 1000 euro voor in de broekzak."
Petrus roept de Duitser erbij en vraagt hem hetzelfde. De Duitser noemt ook een prijs: 6000 euro! "Ное kom je daar nou bij?", vraagt Petrus. Antwoordt de Duitser:
"2000 euro voor het materiaal, 2000 euro voor de arbeid en 2000 euro voor in de broekzak."
Petrus denkt bij zichzelf:
'Dan die Belg maar, die zal het wel beter weten.' De Belg komt bij Petrus staan en vermeld niet eens te hoeven kijken, hij weet het allemaal al. "Oké, zegt Petrus, en wat is jouw prijs dan?"
"9000 euro", zegt de Belg.
Petrus snapt er helemaal niets meer van en vraagt:
"Ное kom je dan aan die prijs?"
Antwoordt de Belg:
"Dat is heel simpel, 3000 euro voor jou, 3000 euro voor mij en dan we laten die Nederlander het werk doen.
Een Belg, een Marokkaan, een non en een bloedmooie meid met een kort rokje en een paar ferme tieten zitten in een treincoupe. Op een gegeven moment rijdt de trein een tunnel in, het licht werkt niet dus het is pikkedonker.
Plots klinkt er een harde klap en als de trein de tunnel weer uitkomt, zit de Marokkaan pijnlijk in z'n gezicht te wrijven.
"Net goed", denkt de non, "die Marokkaan heeft natuurlijk geprobeerd die meid te pakken en die wilde dat niet en heeft hem geslagen!"
"Net goed", denkt de mooie meid, "die Marokkaan heeft natuurlijk mij willen pakken in het donker, heeft per ongeluk die non gepakt, die wilde dat niet en heeft hem geslagen!"
"Кuт", denkt die Marokkaan, "de Belg heeft natuurlijk geprobeerd die mooie meid te pakken, heeft per ongeluk bij die non geprobeerd, die wilde dat niet en heeft gedacht "Tis weer een Marokkaan", waardoor ik de klap heb gekregen!"
En de Belg denkt:
"Bangelijk, als in de volgende tunnel het licht weer ni brandt, mep ik die Marokkaan gewoon weer op z'n bakkes...!"
Er doen 3 gehandicapte mensen mee aan het onderdeel zwemmen van de olympische spelen voor gehandicapten: Een Belg, een Nederlander en een Duitser. Als ze allemaal op de startblokken staan, loopt er een official langs alle sporters. De man komt als eerst bij de Nederlander en zegt:
"Zo, dat is knap, zonder handen zwemmen!"
"Ja, " zegt de Nederlander, "Heb je mijn benen gezien, één воnк spier!!!"
De man loopt door naar de Duitser en zegt:
"Zo, dat is knap, zonder benen!"
"Ja, " zegt de Duitser, "Heb je mijn armen gezien, één воnк spier!!!"
Dan komt de man bij de laatste deelnemer en zegt:
"Dat is knap, zonder handen èn zonder benen!"
De Belg antwoordt:
"Ja, heb je mijn oren gezien! Jarenlang getraind, die tellen voor twee paar benen en armen. "
De official pakt zijn pistool en geeft het startschot. Direct springen alle drie de sporters in het water. De Nederlander en de Duitser zwemmen er als een speer vandoor, maar de Belg zakt naar de bodem en komt niet meer boven! Direct springen er enkele officials het water in om hem te redden. Als de Belg eenmaal veilig op de kant ligt vragen ze hem:
"Wat gebeurde er?!?"
"Welke gek, " antwoordt de Belg, "heeft er een batmuts over mijn oren gedaan!!!"
Een Nederlander en een Duitser zijn aan het jagen in een groot bos. Ze zien allebei een haas en schieten direct. Als ze bij de haas zijn zegt die Duitser:
“Das ist mein haas, habe ich geschossen.”
“Nou nee, ik dacht het van niet” zegt de Nederlander, “Jij hebt ‘m in zijn роот geraakt, en dat schot door zijn кор is van mij”.
“Nein!” zegt die Duitser.
“Echt wel!” zegt de Nederlander weer.
Ze komen er niet uit op deze manier. Dan zegt de Nederlander:
“Ik stel voor dat we dit als mannen onder elkaar oplossen.”
“Ok,” zegt de Duitser, “einverstanden. Wie dan?”
“Nou, kijk dan doen we zo, we gaan allebei een keer met de benen gespreid staan, en geven om de beurt de ander een enorme schop tegen de kloten, wie het hardst schopt heeft gewonnen en die krijgt de haas.
“Ok”
“Ok, machen wir,”
“Ik begin”, zegt de Hollander. Dus de Duitser gaat wijdbeens staan en krijgt me toch een schop tegen zijn kloten…
Huilend en rollend gaat ‘ie door het gras, na een kwartier staat ‘ie weer op, nog een beetje krom maar het ging wel weer.
“So.” zegt ie “und jetzt ist mein beurt.”
“Nou”, zegt de Hollander, “neem jij die haas maar…”
Een man staat voor de rechter omdat hij zijn vrouw heeft doodgeslagen.
Rechter:
"Dat is een zwaar misdrijf, als U verzachtende omstandigheden кunт aantonen, wordt de straf niet zo hoog."
De man:
"Ze was dom, ik moest haar gewoon doodslaan."
De Rechter:
"Dat is niet echt een verzachtende verklaring van u. Als u echt niet levenslang achter tralies wilt, zult u toch echt met iets beters moeten komen."
Waarop de man verklaart:
"We woonden in een flat, op de 12e verdieping woonde een gezin met 2 kinderen. Het was gewoon zielig,
Ze waren heel klein, de zoon van 12 was maar 90cm en die van 19 was maar 85 cm.
Op een dag zei ik tegen mijn vrouw:
"Dat is toch zielig hè, die kinderen van die mensen."
"Ja," zegt mijn vrouw, "dat zijn Pyrineeën"
Ik zeg:
"Je bedoelt Pygmeeën."
"Nee," zegt ze 'Pygmeeën dat is dat wat onder de huid zit waar je sproeten van krijgt.'
Ik zeg:
"Dat is pigment."
"Nee," zegt ze, "pigment dat is waar de oude Romeinen op schreven."
Ik zeg:
"Dat is perkament."
"Nee," zegt ze "perkament is als een dichter iets begint en niet afmaakt."
"Edelachtbare, U кunт zich voorstellen dat ik niet van plan was te zeggen dat het fragment is. Ik ging dus in mijn stoel zitten en las mijn krantje. Plotseling komt mijn vrouw met de volgende zin en ik denk
'Ze is rijp voor het gesticht"..."
"Schat, kijk eens"
Zegt ze. Ze maakt een boek open en laat een stuk tekst zien:
'Het zonnedak van de handtas was de lerares van pooier 15'.
Ik neem het boek en zeg:
"Maar schat, dat is Frans, daar staat:
'La Marquise de Pompadour est la Maitresse de Louis XV.'
Dat betekent:
'De Marquise van Pompadour was de maitresse van Louis de15e."
"
"Nee," zegt mijn vrouw, "
Dat moet je letterlijk vertalen:
'La marquise - het zonnedak, Pompadour - de handtas, la maitresse - de lerares,
Louis XV - de pooier."
Ik moet dat toch weten, ik heb extra voor mijn Franse les een legionair in dienst gehad."
Ik zeg:
"Je bedoelt een lector."
"Nee," zegt ze, "Lector is een Griekse held."
Ik zeg:
"Dat was Hector en dat was een Trojaan."
"Nee," zegt ze, "Hector is een vlaktemaat."
Ik zeg:
"Dat is een hektaar."
"Nee," zegt ze, "hektaar is een godendrank."
Ik zeg:
"Dat is nektar."
"Nee," zegt ze, "dat is een rivier in Zuid-Duitsland."
"Ik zeg:
"Dat is de Neckar."
Mijn vrouw:
"Ken jij dat lied niet:
'Gauw graas ik aan de Naktar, gauw raas ik aan de Rijn', dat heb ik pas nog met mijn vriendin in duo gezongen."
Ik zeg:
"In duet."
"Nee, "zegt ze, "duet is als twee mannen met een sabel vechten."
"Ik zeg:
"Dat is een duel."
"Nee," zegt ze "duel is als een trein uit een donker berggat naar buiten komt."
"Edelachtbare... toen heb ik de hamer genomen en haar doodgeslagen."
Ze zwijgen...
Zegt die rechter:
"Vrijspraak! Ik had haar bij Hector al doodgeslagen!"