Skip to main content
Een man is op vakantie in Mexico. Onderweg stopt hij in een verlaten, stoffig dorpje om een pilsje te kopen. Hij gaat een "saloon" binnen. Binnen gaat hij op een barkruk zitten, en bestelt bij de tapper een pilsje.
Tapper:
"Het pilsje mag u hebben, maar dan moet u beloven het heel snel op te drinken."
Man:
"Maar hoezo dan?"
Tapper:
"Niet vragen, gewoon doen!"
Man:
"Ach vent, bazel niet, en geef mij me pils!"
Dus de man krijgt zijn pilsje, en drinkt hem in zijn eigen tempo, helemaal leeg.
Man:
"Dat heeft gesmaakt, doe mij er nog maar één."
Tapper:
"Meneer, dat kan, maar dan moet u hem in één teug opdrinken!"
Man:
"Vanwaar al die haast?"
Tapper:
"De Zwarte Ridder komt zo!"
Man:
"De Zwarte Ridder?"
Tapper:
"Drink uw pils, en snel!"
Dus de man krijgt zijn pils, nadat hij de tapper bedenkelijk heeft aangekeken, en begint rustig te drinken. En nadat de man een paar ferme slokken van zijn pils heeft genomen, hoort hij de deurtjes achter zich klapperen. Ineens ziet hij iedereen om hem heen onder de tafels duiken, en de tapper verdwijnt achter de bar. De man hoort zware voetstappen, achter zich dichterbij komen. Ze stoppen naast hem. De man zet zijn pilsje neer, en kijkt voorzichtig naast hem. Daar staat een nеgеr, van minstens twee en een halve meter. Grote, zwarte, gepoetste kisten aan zijn voeten, een grote, zwarte broek, een zwarte riem met zilveren gesp, een zwart overhemd, en op zijn zwarte hoofd een grote, zwarte hoed.
De grote nеgеr kijkt de man aan met zijn zwarte ogen. Hij opent zijn mond, en zegt:
"Trek me broek uit."
De man kijkt de nеgеr nog eens aan, en werd zich al snel bewust dat de nеgеr geen grapje maakte, en dat de nеgеr ook wel de atletische bouw had om zich dit soort geintjes te kunnen veroorloven. Dus de man trekt, met trillende handen, de gesp los, en de broek valt op de grond.
"Onderbroek."
De zwarte satijnen onderbroek werd ook door de man naar beneden getrokken, en onthulde een enorme, zwarte lul.
"Pijpen."
De man durfde niet meer omhoog te kijken, en nam voorzichtig het apparaat zijn mond. Hij werd bijna van zijn kruk gehesen toen de paal omhoog ging staan.
"Sneller."
De man probeerde, zo goed en zo kwaad als het ging, de lul wat sneller naar binnen te laten schieten. Het was afschuwelijk, alsof er een paal zijn mond in geheid werd.
"Sneller!"
De man ging sneller, zijn voorhoofd kletste tegen de sterke buikspieren van de nеgеr, de ballen kletsten in een snel tempo tegen zijn kin aan.
"Sneller, sneller, sneller!"
De man begon zwarte stippen te zien, en trok met een ferme ruk de lul uit zijn mond, wat een smakkend geluid maakte.
Man:
"Jezus, waarom zo'n haast?"
Neger:
"De Zwarte Ridder komt zo!"
Er is een boer, die een zoon heeft. De jongen is vandaag 19 jaar geworden, maar omdat hij nog nooit van zijn leven een meisje heeft gehad, zegt zijn vader:
"Nou jongen, omdat jij vandaag 19 jaar веnт geworden, ga ik een meisje voor je regelen." Zo gezegd, zo gedaan, de jongen gaat 's avonds naar zijn bed toe, trekt zn schoenen uit, zet ze netjes onder de kast, vervolgens draait hij zich om en schrikt zich helemaal dood, staat daar een naakte vrouw voor zn neus...!
De jongen doet van schrik een stap achteruit. De vrouw komt dichterbij en hij doet nog een stap achteruit.. als de vrouw heel dichtbij is, doet hij nog een grote stap achteruit, waarbij hij uit het raam valt, precies op de mesthoop, die onder zijn raam ligt. Hij begint heel hard te roepen:
"Pa! Ik zit in de shiт!"
Zijn vader hoort dat en roept terug:
"Dan moet je haar omdraaien!"
Een atheïst loopt door het bos en bewondert alle dingen die de "oerknal" voortgebracht heeft. "Wat een prachtige bomen! Stromende rivieren! Schitterende dieren!", denkt hij bij zichzelf. Op het moment dat hij langs de rivier loopt, hoort hij wat geritsel in de bosjes achter hem.
Als hij zich omdraait, ziet hij een enorme grizzly die op hem af rent. De atheïst rent er als een gek vandoor. Als hij over zijn schouder kijkt, ziet hij dat de вееr dichterbij komt. Hij probeert nog harder te rennen, hij is zo ваng dat er tranen in zijn ogen komen. Hij kijkt nog een keer over zijn schouder en hij ziet dat de вееr nu nog dichterbij is.
Zijn hart gaat als een gek tekeer wanneer hij nog harder probeert te rennen, maar dan struikelt hij en valt op de grond. Hij rolt zich rond om overeind te krabbelen. Tot zijn schrik ziet hij de вееr boven hem staan met een uitgestrekte роот om hem dood te slaan. Op dat moment schreeuwt de atheïst:
"Mijn God!"
Precies op dat moment, staat de tijd stil...
De вееr beweegt niet meer; het bos is totaal stil; en zelfs de rivier stopt te stromen. De man ziet een helder licht en hoort een stem uit de hemel die zegt:
"Al die jaren heb je mijn bestaan ontkend; zelfs mijn schepping heb je afgedaan als een kosmisch ongelukje, en nu denk je dat ik je uit deze benarde situatie ga redden? Kan ik er vanuit gaan dat je je bekeert?"
De atheïst, trots als altijd, kijkt in het licht en zegt:
"Het zou nogal hypocriet zijn om na al die jaren mezelf opeens te bekeren, maar kun je de вееr niet tot christen bekeren?"
"Wat jij wil," antwoordt de stem.
Dan verdwijnt het felle licht weer, de rivier begint weer te stromen, de geluiden uit het bos gaan weer door en de вееr doet zijn роот weer omlaag.
Dan vouwt de вееr zijn handen samen... buigt zijn кор en zegt:
"Heer, ik dank u voor dit eten, dat ik zo meteen ga nuttigen."
Een doordeweekse avond in het weekend voor velen van ons ...
Een zatlap loopt 's nachts over straat en belt om 4 uur 's morgens aan bij mensen.
De man des huizes staat woedend op en vraagt:
"Wat is dat hier, wat scheelt er?"
De zatlap:
"Kom me duwen! Je moet me komen duwen!"
Razend zegt de bewoner:
"Ik ken je niet eens, het is 4 uur in de morgen, en jij vraagt me om je te komen duwen. Bol het af jong..."
Terug in de slaapkamer, legt hij zich terug in bed, maar zijn vrouw spelt hem de les:
"Nu heb je toch overdreven. Het is jou toch ook al overkomen dat je in panne staat met de wagen. Je had die sukkelaar toch wel even kunnen helpen duwen."
Man:
"Ja, maar die kerel was strontzat."
Vrouw:
"Reden te meer om hem te helpen, het gaat hem nooit alleen lukken. Nee, zo ken ik je helemaal niet, ik ben zeer teleurgesteld in je."
Haar man, helemaal ontdaan, kleed zich toch maar weer aan en gaat naar beneden. Hij opent de deur en roept:
"He kerel, ik kom je duwen, waar zit je?"
Zatlap:
"Hier in de tuin, op de schommel"