Een man moet gekeurd worden voor militaire dienst. Hij heeft duidelijk geen zin om het leger in te gaan, maar hij kan geen goede smoes bedenken om afgekeurd te worden. Aangekomen bij het keuringsbureau wordt hem gevraagd plaats te nemen in de wachtkamer. In de wachtkamer zit een andere man met een grote grijns op zijn gezicht.
"Pardon, maar wat valt er te lachen?" vraagt hij aan de ander.
Deze antwoordt:
"Ik word zometeen afgekeurd omdat ik aambeien heb."
"Maar dat kan toch niet," sputtert de man tegen.
"Wel hооr," zegt de ander, "ik heb hier een briefje van honderd. Die stop ik in mijn kont. De dokter kijkt, neemt het briefje van honderd weg en keurt me af. Die oude truc werkt nog steeds."
"Ik moet het eerst nog zien," antwoordt de man argwanend.
De naam van de ander wordt omgeroepen, hij stopt het briefje in zijn kont en loopt de praktijk binnen. Twee minuten later staat hij alweer buiten:
"Zie je wel? Afgekeurd!"
Tevreden vervolgt de man zijn weg.
"Dat moet mij ook lukken," denkt de man.
Hij kijkt in zijn portefeuille, maar helaas, hij heeft slechts een briefje van vijfentwintig op zак. Hij stopt het briefje in zijn kont en wacht op zijn beurt. Eenmaal in de praktijk aangekomen vraagt de dokter:
"Denkt u ergens op afgekeurd te kunnen worden?"
"Jazeker," antwoordt de man, "ik heb last van aambeien."
De dokter verzoekt de man zijn broek naar beneden te doen en voorover te gaan staan. Hij grist het briefje weg en zegt:
"Niks aan de hand, u веnт goedgekeurd."
De man protesteert:
"Maar die vent van daarnet had ook aambeien en die is ook afgekeurd."
De dokter:
"Tja, maar die had het wel vier keer zo erg."
Een man vraagt op de groente afdeling van een supermarkt om een halve krop sla. Een jonge bediende zegt hem dat ze alleen hele kroppen sla verkopen. Maar de man blijft maar aandringen en dus zegt de bediende dat hij het even aan de filiaalchef zal vragen. Hij loopt het kantoortje van de filiaalchef binnen en zegt:
"Een of andere malloot wil een halve krop sla kopen."
Terwijl hij zijn zin afmaakt, draait hij zich om en ziet hij de man achter zich in de deuropening staan, dus voegt hij snel toe:  "En deze meneer wil de andere helft."  De chef complimenteert hem even later met zijn tact:
"Ik was onder de indruk van de manier waarop je je daar uit hebt gered. We houden wel van mensen die kunnen improviseren hier, waar kom je eigenlijk vandaan?"
"Abcoude, meneer."
"O, en waarom ben je daar weggegaan?"
"Vanwege de inwoners. Je hebt er alleen maar hoeren en ex-voetballers."
"Mijn je dat? Mijn vrouw komt ook uit Abcoude."
"Echt?" antwoordt de bediende, "voor welke club heeft ze gespeeld?"