Skip to main content
Het dorp heeft ne nieuwen onderpastoor en de pastoor zegt:
"Ja, om de parochianen te leren kennen, moet ge nu huisbezoeken gaan doen. En stopt maar bij die boerderij met dat doofstom koppel."
Zo gezegd, zo gedaan en de onderpastoor gaat op weg. Hij doet heel het dorp en tegen de avond, het is ondertussen beginnen te regenen, komt hij inderdaad bij de boerderij aan. Hij klopt aan en de boer doet open. Hij komt binnen en ziet de boerin naakt staan met een wekker op hare кор en haar linkerborst in haar hand. De boer is ook naakt en draagt een paraplu en heeft z'n glockenspiel in z'n hand." De onderpastoor snapt er niks van en loopt naar buiten.
's Anderendaags gaat hij verslag uitbrengen. De pastoor:
"En, zijt ge ook op die boerderij geweest?"
"Ja, maar da was toch wel een geval apart ze," zegt de onderpastoor en hij legt de gebaren uit. "Ha," zegt de pastoor, "
Die boerin zei:
"Het is tijd om te gaan melken"
Waarop de boer zegt:
"Kust m'n kloten, het regent!"
Een boer koopt een aantal varkens, hij hoopt ze te kunnen fokken voor vlees, spek, enzovoort.... Na een aantal weken, komt hij erachter dat er geen enkel varken drachtig wil worden en roept hij de hulp van een veearts in. De veearts raadt hem aan om eens kunstmatige inseminatie te proberen. De boer heeft er geen enkel idee van wat dit betekent, maar om zijn onwetendheid te verbergen, vraagt hij aan de veearts hое hij kan weten dat de varkens drachtig zijn. De veearts vertelt hem dat de varkens minder zullen staan en in plaats daarvan veel zullen liggen en in de modder zullen liggen rollen wanneer ze drachtig zijn.
De boer hangt op en denkt er eens even over na. Hij komt tot de conclusie dat kunstmatige inseminatie betekent dat hij de varkens moet bevruchten. Dus laadt hij de varkens in een grote veeauto, gaat ermee naar het bos, heeft met alle varkens sекs, brengt ze weer thuis en gaat naar bed.
De volgende morgen staat hij op en kijkt naar zijn varkens. Hij ziet dat ze nog steeds veel rondlopen en niet liggen. Hij concludeert hieruit dat de eerste keer niet geholpen heeft. Dus hij laadt ze weer in de veewagen, rijdt ermee naar de bossen, neukt elk varken twee keer, brengt ze weer terug en gaat naar bed.
De volgende morgen staat hij op en ziet dat de varkens nog steeds rondlopen. Nog één keer zegt hij tegen zichzelf en hij laadt de varkens weer in de veewagen en rijdt er weer mee naar de bossen. Hij is de hele dag aan het wippen met de varkens totdat hij naar huis gaat, daar valt hij lusteloos in bed.
De volgende morgen kan hij zelfs niet uit bed komen om even te kijken hое het met de varkens gaat. Hij vraagt zijn vrouw of zij even wil kijken of de varkens lekker in de modder liggen te rollen.
"Nee", zegt ze, "ze staan allemaal in de veewagen en eentje is er aan het toeteren met de claxon."
De kinderen van een lagere school krijgen les over moraal. Ze krijgen als opdracht thuis aan hun ouders te vragen een verhaal te vertellen waaraan een moraal hangt. Wanneer ze terug in de klas komen, mogen ze vertellen wat ze gehoord hebben.
Mieke vertelt :
"Mijn ouders zijn kippenboeren, ze hebben een legbatterij. Op een dag hadden ze in de auto een mand eieren staan. Ze reden over een grote bobbel in de weg, waardoor de eieren braken"
. De moraal luidt :
"Wees zeer voorzichtig met fragiele voorwerpen".
Elsje vertelt :
"Mijn ouders hebben ook een kippenboerderij, maar zij kweken kuikentjes. Op een dag hadden ze wel twintig eitjes. Ze verwachtten dus ook twintig kuikentjes. Ze verzorgden de eitjes heel goed, maar er zijn er maar vijftien van uitgekomen"
. De moraal luidt :
"Tel je kuikentjes pas als ze uitkomen".
Dan vraagt de juf aan Anneke :
"En hebben je ouders ook een verhaal verteld?"
"Ja", antwoordt Anneke, "mijn papa heeft verteld over zijn zus :Tante Annie. Ons tante Annie woont in Amerika en is daar bij het leger. Ze is piloot bij de luchtmacht en heeft meegevochten in Desert Storm. Op een dag werd haar vliegtuig geraakt en moest ze springen. Het enige dat ze bij had was een fles whisky, een machinegeweer en een zakmes. Terwijl ze aan haar parachute bengelde, dronk ze de fles whisky leeg, dan was ze die al kwijt. Toen ze beneden kwam, werd ze omsingeld door wel zeventig Irakezen. Ze pakte haar machinegeweer en schoot er vijftig van neer. Toen waren haar kogels op. Met haar zakmes kon ze er nog vijftien doden, toen brak het mes af. De vijf laatste heeft ze met haar blote handen gedood.
De juf kijkt Anneke ontdaan aan en vraagt na enige stilte :
"En heeft papa u ook een moraal bij dat verhaal verteld ?"
Anneke antwoordt :
"Jazeker, je blijft best uit de buurt van tante Annie als ze gezopen heeft."
Harrie komt, na een avondje stappen, strontzat thuis. Hij laat zich voor dood neervallen in zijn bed naast zijn vrouw. Hij wordt wakker aan de poort van de hemel en Petrus zegt hem:
"Harrie, je веnт gestorven in je slaap"
Harrie, volledig uit zijn lood geslagen antwoord:
"Dood? Ik kan niet dood zijn! Ik hou teveel van het leven! Ik wil terug naar huis!"
Petrus zegt:
" Je кunт alleen maar terugkeren als een kip."
Harrie antwoord:
"Zolang ik kan terugkeren naar een boerderij dicht bij mij thuis, is het goed!"
Zo gezegd, zo gedaan. Daar staat Harrie, bedekt met pluimen en krabbend in de grond. Een haan komt dichterbij:
"Ah, ben jij die nieuwe kip?"
"Ное bevalt je eerste dag tot dusver?"
"Niet slecht" zegt Harrie de kip,"maar ik voel iets raar in mijn buik, net alsof ik ga ontploffen."
"Je ovuleert", legt de haan uit, "Zeg nu niet dat je nog nooit een ei hebt gelegd? Ontspan, laat je volledig gaan, dat is heel normaal."
Harrie luistert naar de haan en enkele oncomfortabele momenten later: viola, een ei! Harrie loopt over van emotie na zijn eerste kennismaking met het moederschap. Met volle overgave legt hij nog een tweede ei. Terwijl hij zich klaarmaakt om ook nog een derde ei te leggen, voelt hij een harde klap op zijn hoofd en hoort hij zijn vrouw roepen:
"Harrie, wordt wakker, je ligt in bed te schijten!"
Een super aantrekkelijke man besloot dat hij de verantwoordelijkheid had de perfecte vrouw te trouwen zodat ze samen bijzonder mooie kinderen konden verwekken. Met die gedachte ging hij op zoek naar de perfecte vrouw. Het duurde niet lang of hij vond een boer die drie bijzonder mooie dochters had. Alle drie benamen ze hem zijn adem. Zo mooi waren ze.
Hij vertelde de boer wat zijn plannen waren en vroeg toestemming met één van zijn dochters te trouwen. De boer antwoordde slechts met:
"Ze zijn er alle drie aan toe om te trouwen, dus je веnт op de goede plek. Neem ze allemaal een keer mee uit en neem degene die je wilt."
De man ging op stap met de eerste dochter. De volgende dag vroeg de boer wat hij van zijn eerste dochter vond.
"Nou," zei de man, "ze heeft slechts een heeeeeeel klein beetje, niet dat je het кunт zien hооr, maar ze heeft kromme tenen."
De boer knikte en stelde voor dat de man met één van de andere dochters uit moest gaan; aldus vertrok de man met de tweede dochter.
De volgende dag vroeg de boer weer wat hij van zijn dochter vond.
"Nou," antwoordde de man, "ze is slechts een heeeeel klein beetje, niet dat je het кunт zien hооr, maar ze is een beetje scheel."
De boer knikte en stelde de man voor om met zijn derde dochter uit te gaan om te zien of deze de ware zou kunnen zijn. En zo gebeurde het.
De volgende ochtend haastte de man zich naar de boer en vertelde enthousiast:
"Zij is perfect, helemaal perfect. Zij is degene met wie ik wil trouwen."
En dat gebeurde nog diezelfde dag.
Maanden later werd de baby geboren. Toen de man op de kraamafdeling kwam schrok hij zich een ongeluk. De baby was het lelijkste, meest zorgwekkende zielige persoontje dat jij je кunт voor stellen. Hij haastte zich naar zijn schoonvader en vroeg hem hое het heeft kunnen gebeuren dat gezien de schoonheid van zijn ouders het kind zo verschrikkelijk lelijk was.
"Nou," legde de boer uit, "ze was slechts een heeeeeeel klein beetje, niet dat je het kon zien hооr, zwanger toen je haar ontmoette."
En oude boer ging naar de stad om naar de film te gaan. De kaartverkoopster achter het loket vraagt aan hem: "Meneer, wat is dat op uw schouder?"
De oude boer zegt:
"Dat is mijn haan, Chuckie. Waar ik ga, gaat hij." "Het spijt me meneer," zei de verkoopster, "we kunnen geen dieren toe laten in de bioscoop. Zelfs geen haan." Waarop de oude boer snel de hoek om loopt en de haan in zijn broek stopt.
Eenmaal weer bij de verkoopbalie, koopt hij een kaartje en gaat hij de bioscoop in. Binnen gaat hij naast twee oudere verpleegsters zitten die Mildred en Leontien heette.
De film begint en de haan begint te woelen. De oude boer ritst zijn broek open zodat Chuckie zijn hoofd eruit kan steken en de film kan zien.
"Leontien," fluistert Mildred. "Wat is er?" vraagt Leontien.
"Ik denk dat die man naast mij een viezerik is."
"Waarom denk je dat?" vraagt Leontien.
"Hij ritste zijn broek open en zijn ding steekt uit," fluistert Mildred.
"Nou, ik zou me er geen zorgen over maken," antwoordt Leontien. "Op onze leeftijd is er niets dat wij niet gezien hebben."
"Ja, dat mag dan wel waar zijn," zeg Mildred, "maar deze eet van mijn popcorn!"
Een kerel met 20 pinten achter de kiezen bolt naar huis. Onderweg voelt hij een schok, schiet klaarwakker, trekt zijn auto recht en ziet in z'n achteruitkijkspiegel nog een Marokkaan de berm inkieperen. Natuurlijk rijdt de man verder. Een half uurtje later en grotendeels ontnuchtert denkt de man:
"Miljaarde, zou dat nu niemand gezien hebben?"
Want vaag herinnert hij zich dat, iets verder dan de plaats van het gebeuren, een boer op het achterliggende veld, aan het werk was.
Hij rijdt terug, stopt waar hij de boer ziet werken, kijkt eens rond, maar ziet géén Marokkaan liggen. Hij besluit zeker te spelen en gaat
Tot bij de boer.
"Dag boerreke, hier is toch toevallig niks gebeurd zeker?"
"Jawel," zegt de boer, "zo een klein half uurtje geleden heeft er een auto, allee daar zie, precies zo ene gelijk den uwe, een zwarterik overreden!"
"Allee begot, ik zie hier toch niemand liggen..."
"Neeje, neeje," antwoordt de boer, "ge кunт hem niet zien liggen want ik heb hem al begraven."
"Miljaar," schrikt de man, "was hij dan dood?"
"'t Ja dat was eerst nogal een discussie," zegt de boer en hij zwaait met zijn schop, "hij zei van niet en ik zei van wel."
Twee zwervers lopen over een landweggetje, stuiterend van kant naar kant, vaag van de honger. Opeens zien ze een boerderij! Met een sukkeldrafje gaan ze erop af en kloppen op de deur. Dan doet er een boerin open, maar wát voor een: lélijk, lélijk,grote etterende zweren, klittend vet haar, een gescheurde vieze jurk,oksels als een regenwoud en allesbehalve lekker geurend..... "Heeft u iets te eten voor ons?" vragen de zwervers. "Jawel," antwoordt ze glimlachend haar twee tanden bloot, "maar dan moet je me nadien wèl een beurt geven!" De ene zwerver wendt zich af, dikke tranen wenend om zoveel onrecht. De andere zegt:
"Dat is goed ik doe het!" en gaat mee naar binnen. En vreten dat hij doet! Na een uur is de koelkast leeg en de zwerver vol. Hoopvol glimmend pakt de boerin hem bij de hand, loodst hem mee naar de hooiberg en begint zich te ontkleden. "Mijn god," denkt de zwerver, "dit is te erg, hое kom ik hier levend en vooral niet geïnfecteerd vanaf?" Terwijl de boerin ruftend van voorpret achterover leunt, valt zijn oog op een forse maïskolf. "Een geschenk uit de hemel!" denkt hij, en gaat met de kolf aan de slаg. Nadat de vleesklomp klauwend en krijsend is klaargekomen, werpt hij de kolf achter de hooiberg en gaat snel op weg. Even later komt hij zijn collega tegen. "En,lekker gegeten?" vraagt die. "Heerlijk," zegt hij, "maar jij?"
"Oh, zalig! Ik zit achter een hooiberg te bidden, toen valt er plotseling zo een warme maïskolf uit de hemel, met vingerdik de boter erop!"
Een zakenman-in-bonus, uit het westen van het land, gaat in Maldegem op zoek naar een leuk vrijstaand boerderijtje. Primair als belegging, maar toch ook met de bedoeling er zelf bij tijd en wijle een paar rustige dagen te kunnen verblijven.
Hij vindt het boerderijtje van zijn keuze en bereikt met de boer/eigenaar een akkoord over de koopprijs. Maar vlak voordat de koop met handtekeningen bezegeld zou worden, ontdekt hij dat er achter de boerderij een forse verzameling bijenkorven staat. "De koop gaat niet door!", roept hij tegen de boer, "die bijen zijn hartstikke gevaarlijk".
"Onzin", zegt de boer, "nog nooit hebben die beestjes iemand gestoken"
. Onze zakenman is niet overtuigd, maar zwicht - met dollartekens in de ogen - als de boer hem het volgende voorstel doet:
"Ik zal je bewijzen dat de bijen ongevaarlijk zijn. Ik bind je naakt aan de boom die het dichtst bij de bijenkorven staat. Na 24 uur kom ik terug en maak je los. Als ook maar één bij jou heeft gestoken, mag je de boerderij gratis hebben". Geen zakenman kan zon voorstel afwijzen. De man laat zich aan de boom vastbinden en de boer vertrekt.
24 Uur later treft de boer een slap in de touwen hangende, uitgemergelde en radeloze zakenman aan, die jammerend smeekt om "verlossing".
"Mijn god", zegt de boer, "ze hebben je toch gestoken!?"
"Nee, dat niet," zegt de zakenman, "maar de kalfjes zijn al zes keer komen drinken!"