Moppen over buitenlanders

Een Kosovaar loopt rond de middag over straat in een Belgische stad. Hij komt een man tegen. Hij houdt deze man staande en zegt :
"Ah, meneer de Belg, bedankt dat ik hier in uw mooie land mag verblijven en ...."
Hij wordt onderbroken door zijn gesprekspartner :
"Moment, moment, moi, je suis Marocain, je ne suis pas un Belge."
De Kosovaar loopt verder en klampt even later weer een toevallige passant aan :
"Dank U meneer de Belg, dat ik hier met mijn familie......."
Weer wordt hij onderbroken:
"Ik niks Belg, ik Turki".
De Kosovaar loopt verder en jawel hооr, hij ziet een nеgеr komen welke hij weer aanspreekt:
"Meneer de Belg, mag ik U hartelijk bedanken voor uw gastvrijheid".
"Allee, jongen", zegt de nеgеr, " gij ziet nu toch ook wel dat ik zwart ben".
"Ik ben Afrikaan, ik ben geen Belg".
"Maar", zegt de Kosovaar, "waar zijn dan al die Belgen?"
De Afrikaan kijkt op zijn uurwerk en zegt:
"Tja, die moeten werken tot half zes".
Groep drie komt terug in de klas na het speelkwartier. De juffrouw vraagt aan Marietje:
" Wat heb jij gedaan in de pauze?"
"Ik heb in de zandbak gespeeld, juf."
"Heel goed Marietje, ga maar naar het bord en schrijf het woordje 'zand' op. Als je het goed spelt krijg je een koekje." Marietje doet het en krijgt haar koekje.
"En Jantje, wat heb jij gedaan in het speelkwartier?"
"Ik heb met Marietje in de zandbak gespeeld, juf."
"Heel goed Jantje, ga maar naar het bord en schrijf het woordje 'bak' op. Als je het goed spelt krijg je een koekje." Zo gezegd, zo gedaan en Jantje krijgt een koekje.
"En Mustafa Abdul, wat heb jij gedaan in het speelkwartier?"
"Ik wilde met Marietje en Jantje in de zandbak spelen, maar ze gooiden stenen naar me."
"Wel", zegt de juffrouw,"dat lijkt me klinkklare ontoelaatbare rassendiscriminatie, ga maar naar het bord en schrijf 'klinkklare ontoelaatbare rassendiscriminatie'op en als je het goed spelt krijg je ook een koekje."
Bij een rondtocht in Zuid Afrika bezoekt de Paus het binnenland om een paar dagen tot rust te komen. Zijn Pausmobiel rijdt op weg langs een rivier als er plotseling een enorm gekrakeel ontstaat ergens langs de oever. Ze rijden er naartoe en als ze daar aankomen ziet de Paus een zwarte man in het water, die in grote paniek probeert te ontkomen aan de kaken van een 4 meter lange krokodil.
Op datzelfde moment komt er een speedboat aanvaren, met daarin 3 blanke mannen. Eén van de mannen schiet onmiddellijk op de krokodil en raakt hem in de кор, waardoor het beest stil in het water komt te liggen. De andere 2 mannen trekken de zwarte drenkeling, bloedend en half bewusteloos, uit het water en beginnen met roeispanen op de krokodil in te slaan.
Vervolgens trekken ze ook de, inmiddels dode krokodil, uit het water. Plotseling horen de mannen iemand schreeuwen dat ze naar de kant moeten komen. Het blijkt de Paus te zijn. Als de mannen bij de paus zijn aangekomen zegt de Paus, "Ik geef U mijn zegen voor deze dappere en onbaatzuchtige redding. In deze wereld waar discriminatie nog steeds aan de orde van de dag is, is uw optreden een verlichtend voorbeeld voor de manier waarop alle landen en rassen met elkaar in harmonie zouden moeten leven."
Hij geeft allen de zegen en rijdt weg in een wolk zand. Als de Paus wegrijdt zegt de man met het geweer, "Wie was
Dat eigenlijk?" Zegt een van de anderen, "Dat is Zijne Heiligheid de Paus, hij staat in direct contact met God en heeft toegang tot Zijn oneindige wijsheid."
"Nou," zegt de schutter, "hij weet in ieder geval geen ene moer over de jacht op krokodillen. Is ons aas nog bruikbaar of moeten we een nieuwe uit het dorp halen ?"